Menu

Downloadable Games Special – Goede en minder goede games getest

Met enige regelmaat bespreken we op Tweakers een aantal downloadbare spellen, in een round-up. De laatste round-up stamt alweer uit de zomermaanden, dus met de kerstperiode voor de deur – en de te verwachten toename aan vrije dagen die daar voor veel mensen bij hoort – is het wel weer tijd voor een nieuwe editie. We verklappen alvast dat het algemene niveau wat minder hoog is dan in de voorgaande round-ups. En natuurlijk geldt, zoals elke keer: wij kunnen lang niet alles uitproberen en missen genoeg downloadable games. Mocht jouw favoriete – en liefst ook recentelijk verschenen – downloadable game er niet bij zitten, schroom dan niet om die titel te delen via de reacties.

Chivalry: Medieval Warfare

De naam Chivalry: Medieval Warfare is al een tijd bekend. De game verscheen immers in 2012 al voor de pc. De Xbox 360-versie was eind vorig jaar aan de beurt, en voor de PlayStation 3, Mac en Linux verscheen de game in februari 2015. Daarmee is de koek echter nog niet op. Activision besloot de door Tom Banner Studios – eerder verantwoordelijk voor de Age of Chivalry-mod voor Half-Life 2 – ontwikkelde game ook nog even naar de meest recent verschenen consoles te brengen. Zodoende is het spel dat draait om riddergevechten nu ook speelbaar op de Xbox One en PlayStation 4. Je kunt je echter afvragen of dit besluit van Activision erg verstandig is.

Downloadgames topplaatjes
Titel
Chivalry: Medieval Warfare

Platform
PlayStation 4, Xbox One
(verscheen eerder op diverse platformen, incl. pc)
Prijs
€ 19,99

In een tijd waarin veel hd-remakes verschijnen voor de huidige generatie consoles zijn we best verwend. Bewerkte versies van games als Halo en Uncharted kwamen immers prima voor de dag. Simpelweg een game uit 2012 uitbrengen zonder dat er merkbaar veel verschil zit in de techniek, geeft echter niet bepaald een garantie op succes. En daar gaat het met Chivalry: Medieval Warfare dan ook mis. De game is audiovisueel duidelijk flink gedateerd. We vragen ons ook af of meer ‘oppoetswerk’ wel zin zou hebben gehad: de basis is gewoon te oud om er met de huidige maatstaven voor actiespellen nog wat van te maken. Bereid je dus vast voor op ouderwets ogende personages en lelijke omgevingen.

Wel mag daarbij worden gezegd dat als je door dat tegenvallende grafische laagje heen kijkt, de omgevingen opnieuw tot de verbeelding spreken. Ruim twintig multiplayer-maps staan klaar voor al het geweld dat bij een maximum van twaalf tegen twaalf spelers voorbij komt. Dat gebeurt in diverse spelmodi, variërend van grote, open gevechten met of zonder strategische doelen tot duels waarbij een enkele speler het opneemt tegen een andere eenling. Daarbij zorgen de grote gevechten over het algemeen voor het meeste spelplezier. Het enigszins log aanvoelende vechtsysteem zorgt soms voor wat problemen doordat het in de chaos van een gevecht erg eenvoudig is om per ongeluk teamgenoten een potentieel fatale beuk te verkopen, maar dat is deels een kwestie van opletten en niet als een bezetene om je heen hakken.

Chivalry Medieval WarfareChivalry Medieval WarfareChivalry Medieval WarfareChivalry Medieval WarfareChivalry Medieval WarfareChivalry Medieval WarfareChivalry Medieval WarfareChivalry Medieval Warfare

Het vechtsysteem waar al deze actie op is gebaseerd gaat dieper dan menigeen aanvankelijk wellicht zou denken. Spelers hebben verschillende aanvallen tot hun beschikking en kunnen ook blokken. Waarmee ze dat doen hangt af van de gekozen klasse. Knights hebben bijvoorbeeld de grootste zwaarden, maar een Vanguard kan kiezen voor een hellebaard of een ander, langer wapen. Archers hebben uiteraard een boog of kruisboog, terwijl een Man-at-Arms het moet hebben van kleinere handwapens en meer snelheid dan de overige klassen. Hoewel het aantal van vier klassen niet bepaald indrukwekkend is, beperkte dat ons spelplezier geen moment. Bovendien kunnen we ook niet heel veel andere soorten ridders bedenken. De klassen vullen elkaar verder aardig aan, waardoor er geen specifieke klasse is die meer of minder wordt gebruikt dan de rest. Overigens speel je voor elke klasse gaandeweg ook nieuwe wapens en voorwerpen vrij, wat de duur van het spelplezier iets verlengt.

Door de leercurve van het spel veranderen aanvankelijk kansloos in het rond meppende spelers vanzelf in vaardige vechtmachines die weten wanneer ze moeten blokken, gegroepeerd aanvallen en zo steeds vaker potjes in hun voordeel beslissen. Chivalry: Medieval Warfare biedt op dat moment absoluut meerwaarde. De vraag is echter hoe lang dat blijft hangen. De vrij te spelen wapens en andere items veranderen de manier van spelen niet of nauwelijks en de potjes beginnen op elkaar te lijken. Dan zit Chivalry net iets te simpel in elkaar om spelers écht lang geboeid te houden. Natuurlijk: dat is bij een verkoopprijs van zo’n twintig euro een stuk makkelijker te aanvaarden dan wanneer de game voor de volle mep in de winkels had gelegen, maar het is iets om rekening mee te houden.

Die relatief lage prijs is in zekere zin een reddingsboei voor Chivalry: Medieval Warfare. In vergelijking met moderne actiespellen kan de game eigenlijk op geen enkel front meekomen. Tijdens het spelen op de Xbox One of PS4 krijg je het idee dat Activision weinig of niets heeft veranderd aan de game, sinds hij eind 2012 het daglicht zag voor de pc. Dan nog zorgt Chivalry: Medieval Warfare voor vermaak, maar het moge duidelijk zijn dat bij dat vermaak een aanzienlijk aantal kanttekeningen kan worden geplaatst.

Als gamers van dertig jaar en ouder terugdenken aan de games die ze onder ‘jeugdsentiment’ scharen, is de kans groot dat daar ook titels uit de Tycoon-reeks onder vallen. Met name Transport Tycoon en Rollercoaster Tycoon gelden als klassiekers. Niet zo vreemd dus, dat verschillende ontwikkelteams werken aan games die hopen voort te broduren op het succes van die oude games. Het Engelse Frontier Developments, dat de makers van Rollercoaster Tycoon 3 in dienst heeft én ontwikkelaars die aan de eerste games hebben gewerkt, maakt momenteel Planet Coaster, dat je kunt zien als de onofficiële opvolger van Rollercoaster Tycoon 3. Ondertussen komt uitgever Atari nog met Rollercoaster Tycoon World, dat de rechten op die naam bezit. Daarnaast zijn er nog andere, kleinere ontwikkelaars die vergelijkbare spellen uit willen brengen.

Downloadgames topplaatjes
Titel
Parkitect (alpha-versie)
Beoordeling nog niet van toepassing
Platform
Pc, Mac, Linux
Prijs
$ 15

Een van die games is nog vol in ontwikkeling, maar wel al speelbaar. Parkitect wordt ontwikkeld door drie ontwikkelaars die zich samen Texel Raptor noemen en een crowdfunding-actie hebben opgezet voor de ontwikkeling van een pretparksimulator. De namen Rollercoaster Tycoon en Theme Park worden daarbij niet letterlijk genoemd, maar dat die games als inspiratiebron gelden is duidelijk. Parkitect bereikte in de herfst van 2014 de ‘funded’-status en sindsdien werken de ontwikkelaars doorlopend aan de ontwikkeling van het spel. Daarbij kunnen gamers die inmiddels ‘backer’ zijn doorlopend bijgewerkte versies downloaden, om vast te stoeien met wat er inmiddels speelbaar is.

Voorlopig is dat alleen een sandbox-modus op een vlakke standaardmap. Texel Raptor is zeker van plan andere aspecten aan het spel toe te voegen, zoals een campagne en/of missiedoelen, maar voorlopig zitten die nog niet in Parkitect. Wel kunnen gamers dus alvast een pretpark opbouwen. De game beschikt ook in deze vroege vorm al over een aardig aantal verschillende achtbanen en andere attracties, en over diverse voorzieningen die kunnen worden neergezet in een pretpark. Dat ‘neerzetten’ kost, net als het inhuren van allerlei soorten werknemers, geld. Dat geld moet je uiteraard terug zien te verdienen door betalende gasten naar je park te trekken.

Sandbox

Momenteel start je in Parkitect met een startkapitaal van 10.000 dollar en zijn er nog geen manieren om dat kapitaal te vergroten. Dat maakt in deze sandbox-modus echter nog niet zo veel uit: je kunt jezelf diep in de rode cijfers werken zonder dat daar een negatieve consequentie aan wordt verbonden. Vooralsnog is Parkitect dus een game waarin je, zonder al te veel beperkingen, een eigen droompretpark kunt bouwen. En dat is leuk. Zelfs nu veel beloofde features nog niet in het spel zitten, is het al gaaf om de ene na de andere rollercoaster op te bouwen, al was het maar om te kijken hoe snel je je bezoekers misselijk kunt krijgen.

ParkitectParkitectParkitectParkitectParkitectParkitect

Doordat Parkitect nog niet van je vraagt om rekening te houden met budget of missies, is het vrij gemakkelijk een indrukwekkend pretpark in elkaar te sleutelen. Tegelijkertijd is het leuk om rond te kijken en te experimenteren met de verschillende mogelijkheden, want ze verraden meer diepgang dan je in eerste instantie zou verwachten. De makers hameren op hun site bijvoorbeeld op de noodzaak om de productionele kant van het park te verbergen voor bezoekers. Je kunt dan ook aparte paden aanleggen die alleen mogen worden gebruikt door werknemers, zodat bezoekers niet zien hoe de kratten met voorraden worden afgeleverd bij de diverse winkeltjes. Er zijn ook allerlei objecten die kunnen worden gebruikt om de ‘lelijke’ kant van een pretpark af te schermen voor bezoekers. Uiteindelijk zullen dergelijke elementen belangrijk worden om bepaalde scores te halen, maar vooralsnog spelen ze een ondergeschikte rol.

Niet goed werkende onderdelen

Het ontbreekt de vroege versie van Parkitect dus nog aan een aantal features die volgens de makers in latere versies zullen worden toegevoegd. Daarnaast is deze versie nog lang niet vrij van bugs. Zo lopen werknemers veel te vaak doelloos rond, wat vooral irritant is als je tien of meer schoonmakers hebt maar je park door hun apathische houding alsnog een zootje wordt. Ook vervelend is dat sommige features, zoals de optie om in te stellen hoe lang een attractie wacht voor er wordt gestart, nog niet helemaal goed werken. Daardoor vertrekken er regelmatig lege wagentjes terwijl er enkele seconden later alweer bezoekers staan te wachten.

Toch slaat de balans positief uit. Voor vijftien dollar krijg je nu al een leuk spel waarbij je in een sandbox alvast je best denkbare pretpark kunt bouwen. Tegelijkertijd kun je de ontwikkeling van het spel in de gaten houden, en met een beetje mazzel heb je dan over een tijdje een completer spel in huis dat zich kwalitatief kan meten met de oude RollerCoaster Tycoon-games. Verwacht echter ook niet méér dan dat: Parkitect laat zich misschien nog wel het best omschrijven als een hommage aan die haast legendarische game, en niet als een game die dat oude concept in een moderner of veel beter jasje wil stoppen.

Voor een goed potje ‘misdaad organiseren’ kun je ons best wakker maken, dus wat dat betreft is Fat City aan het juiste adres. De game draait om het beroven van een fiks aantal banken in vijf verschillende buurten van New York. Daarmee moet je genoeg geld bij elkaar krijgen om je door de maffia ontvoerde vriendin terug te krijgen. Dat is ook meteen het hele verhaal dat moet verklaren waarom meestercrimineel en hoofdrolspeler Chris Knox ineens een groot aantal banken in New York moet beroven. Niet heel erg: het puzzelelement en de gameplay kunnen het spel ook zonder verhaal wel dragen, al was iets meer aankleding best aardig geweest.

Downloadgames topplaatjes
Titel
Fat City

Platform
PlayStation 4, Xbox One
Prijs
€ 12,99

Functie voert in Fat City de boventoon boven uiterlijk. De speler beleeft de game vanuit een top-down-perspectief waarin steeds een deel van New York is te zien. Op het kaartje is zichtbaar waar Chris is, waar de bank is en waar het safehouse is waar het geld naartoe moet worden gebracht. Ook de routes van rondrijdende politieauto’s worden weergegeven, en wat later ook nog een aantal andere aspecten, zoals de positie van Chris’ teamgenoten en de locatie van blokkades. Zaak is dan om je plan zo op te zetten dat je de bank berooft, ontsnapt en het geld aflevert zonder daarbij gesnapt te worden door de sterke arm der wet. Daarbij calculeer je natuurlijk de tijd in die nodig is om de geldzakken te vullen, en houd je rekening met andere factoren, zoals een alarm dat af kan gaan of een route die afgesloten blijkt te zijn.

Power-ups maken meer kapot dan je lief is

Die laatste twee factoren komen om de hoek kijken als je wat verder komt in het spel. Op dat moment wordt Chris ook vergezeld door teamgenoten, die toevallig gespecialiseerd zijn in het verwijderen van blokkades en het uitschakelen van alarmsystemen. Dat is allemaal redelijk overzichtelijk. Toch worden de puzzels op een gegeven moment best lastig om op te lossen. Gelukkig hebben Chris en zijn kornuiten een aantal trucjes, power-ups zo u wilt, tot hun beschikking. Deze kunnen spelers voor elke missie kopen in ruil voor in-game geld, om ze daarna tijdens de missie in te zetten. Chris beschikt bijvoorbeeld over de mogelijkheid om tijdelijk onzichtbaar te worden voor de politie. Dat biedt uitkomst als je in de situatie komt waarbij je de politie niet langer kunt ontwijken.

Fat CityFat CityFat CityFat CityFat CityFat City

De turn-based-gameplay van Fat City, die zich losjes laat vergelijken met hoe je Hitman Go speelt, is op zichzelf vermakelijk en uitdagend. De crux zit hem in het inzetten van de power-ups. Die kunnen, doordat je al vrij snel een gezonde hoeveelheid kapitaal opbouwt en de power-ups relatief weinig kosten, nagenoeg oneindig vaak worden gebruikt. Fat City dreigt daardoor te veranderen in een spel waarin je gewoon zorgt dat je maar genoeg van die power-ups bij je hebt, zodat je zo nodig totaal onzichtbaar van de bank naar je safehouse kunt komen. Het spel beoordeelt je prestatie met een driesterrensysteem, maar de beoordeling neemt niet mee hoeveel power-ups je gebruikt. Fat City zo volledig uitspelen, met alle levels op drie sterren, klinkt dan ineens een stuk minder spannend. Een in potentie leuke feature verandert daardoor in een achilleshiel bij uitstek.

Het voordeel is wel dat je zelf natuurlijk invloed hebt op hoe vaak je de power-ups inzet. Door jezelf daarin te beperken kun je de gameplay uitdagender maken, en Fat City spelen zoals het spel is bedoeld. Dat je die beperking jezelf moet opleggen in plaats van dat de game of de moeilijkheidsgraad dat doet, is desondanks een zwaktebod. Samen met de ondergeschikte rol van het verhaal vormt dat de voornaamste belemmering om van Fat City een echt goede game te maken.

Het door Electronic Arts op de markt gebrachte Sim City bleek een aardige flop. De game was op zichzelf niet verkeerd, maar ging onderuit door de malaise rond de servers. Gamers moesten verplicht verbonden zijn met die servers, want anders konden ze het spel niet spelen. Toen die servers niet of nauwelijks bleken te werken, was het hek uiteraard aardig van de dam. Een goedmaakactie met gratis games en talloze patches volgde, maar het kwaad was al geschied. En ergens was dat wellicht een zegen. Het opende namelijk ook de deuren voor games als Cities: Skylines, waarmee het idee achter Sim City werd overgenomen om beter te worden uitgevoerd. In het kielzog van dat succesvolle spel proberen andere uitgevers ook ‘city-management’-games aan de man te brengen, met Cityconomy: Service for your City als meest recente voorbeeld.

Downloadgames topplaatjes
Titel
Cityconomy: Service for your City

Platform
Steam
Prijs
€ 24,99

Toegegeven: ook in Cityconomy help je een stad vooruit, maar dat gaat op een heel andere manier dan in godsim-games Sim City en Cities: Skylines. Die vergelijking is dan ook niet echt op zijn plaats. In plaats van de alles besturende oppermanager ben je in dit spel vooral de uitvoerende partij. Je krijgt tal van baantjes voorgeschoteld in de dienstensector van de stad. Elk van die baantjes dien je zo goed mogelijk uit te voeren, met alle aspecten die daar bij komen kijken. Het spel staat je toe een aardig imperium op te bouwen. Doe je je taak goed, dan kun je jezelf voor je het weet een vuilnis-kingpin noemen.

Vuilnisman is trouwens het eerste baantje dat je krijgt in Cityconomy – en het zou zomaar ook meteen het laatste kunnen zijn. Er is zeker meer te doen in Cityconomy, maar of je daar echt aan toekomt valt nogal te bezien. Het spel bewijst namelijk al snel behoorlijk saai te zijn. Aankleding, presentatie en een degelijk grafisch niveau blijven achterwege. De missies die worden voorgelegd, zoals ‘haal al het afval in deze specifieke buurt op en dump het op de stortplaats’ getuigen weliswaar van realisme, maar zorgen niet voor al te veel spelplezier. Dat een botsing met een auto onderweg zorgt dat niet die auto, maar jouw loodzware vuilniswagen ineens meters naar achteren knalt, helpt ook al niet mee.

CityconomyCityconomyCityconomyCityconomyCityconomyCityconomy

Om verder te komen in Cityconomy is dus keihard doorzettingsvermogen nodig. De gameplay is repetitief en saai, de graphics ondermaats en van een al te spannende presentatie is al helemaal geen sprake. Wel biedt het spel nog een aardige managementkant die je onder meer in staat stelt werknemers aan te nemen, nieuwe gebouwen te openen en extra voertuigen aan te schaffen. Het ontgaat ons echter volledig waarom iemand dit zou willen doen. Dat is voor een deel misschien een kwestie van persoonlijke smaak, maar de algehele kwaliteit van Cityconomy is zeker medeverantwoordelijk.

Zo is Cityconomy: Service for your City vooral zonde van het geld en de tijd die je er aan besteedt, want met een prijskaartje van vijfentwintig euro is het spel niet overdreven goedkoop. Het valt in een categorie games waar je ook vrachtwagensimulatoren en soortgelijke spellen tegenkomt, en voor liefhebbers van bepaalde niches zijn die games aantrekkelijk. Ben je zo’n liefhebber, dan kijk je wellicht op een andere manier naar Cityconomy, maar ook dan is het gebrek aan kwaliteit in gameplay en audiovisuele presentatie evident.

Her Story is een vreemde eend in de bijt. Het spel kwam afgelopen zomer al uit en zal door velen inmiddels al zijn gespeeld. Het spel viel onlangs bij de jaarlijkse awards-show in de Verenigde Staten in de prijzen, wat voor ons vooral gold als een herinnering aan het feit dat de game nog niet op Tweakers is behandeld. De game is in onze ogen echter zo speciaal en de moeite waard dat we Her Story, op de valreep van 2015, tóch nog willen meenemen. Vandaar dat we bij deze aandacht geven aan een game die inmiddels alweer een half jaar geleden online verscheen.

Downloadgames topplaatjes
Titel
Her Story

Platform
Pc/Mac (eventueel via Steam), iOS
Prijs
€ 5,99

Over dat predikaat ‘game’ kunnen we direct een discussie openen, want is Her Story wel een game? De speler neemt plaats achter een video-interface die volgens de overlevering door detectives wordt gebruikt om getuigenverklaringen te analyseren. Het onderwerp van dienst is een jonge vrouw wiens echtgenoot is vermoord. De vrouw heeft op zes aparte momenten verklaringen afgegeven. Die verklaringen zijn in korte clipjes opgedeeld en opgenomen in de videodatabase. Die database is te doorzoeken op woorden. Zoek je bijvoorbeeld op ‘murder’, dan krijg je alle clips te zien waarin de vrouw dat woord heeft gebruikt. Video’s die je belangrijk acht of bij de hand wilt houden, kun je even wegzetten in de actiesessie. Ook is het mogelijk om handmatig extra woorden aan een clip te verbinden, om hem zo makkelijker terug te vinden.

Nooit te veel informatie

Wat begint als het lukraak intikken van woorden en het bekijken van verklaringen, verandert al snel in een heus detectivespel. Langzaam maar zeker krijg je een idee van wat er zich heeft afgespeeld voorafgaand aan de moord en in het leven van de vrouw en de overige betrokken personen. Wat Her Story daarbij heel goed doet, is dat het nooit te veel informatie weggeeft. Nooit biedt het spel een kant-en-klare verklaring voor wat er is gebeurd. Zelfs als je denkt vrij snel door te hebben wat er aan de hand is, geeft het spel je niet de luxe positie om honderd procent zeker te zijn. Dus blijf je maar video’s kijken, in de hoop je theorie nog net iets duidelijker bevestigd te krijgen.

Her StoryHer StoryHer StoryHer StoryHer StoryHer Story

Na verloop van tijd heb je een groot aantal video’s gezien en is het verhaal goeddeels duidelijk. Het vinden van video’s die je nog niet hebt bekeken wordt dan steeds lastiger. De interface geeft steeds maar vijf zoekresultaten. Levert je zoekopdracht meer resultaten op, dan zie je dus alleen de eerste vijf. Met een trucje – dat je zelf maar even moet zoeken op Google – kun je dat aantal verhogen naar vijftien, maar zelfs dan duurt het even voor je alle video’s langs het zien komen. Ruim daarvoor komt het moment dat het spel aan je vraagt of je al door hebt wat er heeft plaatsgevonden, en waarom. Grote kans dat het antwoord op dat moment ‘ja’ is. Dat hoef je verder niet uit te leggen: de game is dan afgelopen.

Geen punt achter het verhaal

Aan dat einde hielden wij aanvankelijk geen voldaan gevoel over. Tegelijk is het precies wat de game nodig heeft. Het sluit perfect aan op de mysterieuze kant van het spel: de sluier wordt nooit helemaal verwijderd. Aan de andere kant verwacht je als gamer een bepaald ‘punt’ achter het verhaal. Je vraagt jezelf af of je gelijk hebt, maar bevestiging blijft uit. Wie begrijpt dat Her Story niet gaat om het einddoel maar om de weg daar naartoe, zal er verder niet om malen. Gamers die wel een duidelijk einde verlangen zullen dat als minpunt aan kunnen merken.

Ook zij zullen echter niet ontkennen dat Her Story, in elk geval tot dat einde, een kunstwerkje is. Nooit eerder puzzelde je op deze manier, stukje bij beetje, een verhaallijn in elkaar. Meerdere keren beleef je een ‘aha-moment’ en langzaam verdwijnen er steeds meer vraagtekens en gaten in je theorie. Wat ook goed mogelijk is: ineens vallen wat zaken op hun plek waardoor je theorie juist helemaal anders wordt. Mocht je klaar zijn met je puzzelwerk, en je theorie willen toetsen – het spel doet dat dus niet voor je – dan kun je op deze website een aardige samenvatting en uitleg terugvinden. Lees dit uiteraard niet als je Her Story nog niet hebt gespeeld, want dan is de pagina één grote spoiler.

Nee, al te veel punten voor een originele naam zal dit spel niet in de wacht slepen, maar het dekt de lading: Fast Racing Neo – geen enkele relatie met The Matrix overigens – is inderdaad een racegame die zich voornamelijk op hoge snelheid afspeelt. Daarmee is de vergelijking tussen deze futuristische racegame en bekende titels als F-Zero en WipeOut snel gemaakt. Hoewel die games in de regel over meer cachet beschikken, is de vergelijking op zijn plaats. De gameplay-ervaring van Fast Racing Neo doet zeker aan die pijlsnelle games denken.

Fast Racing Neo
Titel
Fast Racing Neo

Platform
Nintendo WiiU
Prijs
€ 14,99

De basis van Fast Racing Neo is overzichtelijk genoeg. Je begint het spel met drie beschikbare racemonsters en begint gewoon aan de eerste in een lange serie van kampioenschappen waar je jezelf doorheen moet werken. Die kampioenschappen zijn verdeeld in drie niveaus op basis van hoe moeilijk ze zijn, uiteraard te beginnen met ‘Novice’. Elk niveau bevat vier verschillende kampioenschappen. Elke keer dat je een kampioenschap eindigt in de Top 3, speel je een volgend kampioenschap vrij en verdien je ook een nieuwe wagen die je vanaf dat moment kunt gebruiken. Daar zitten natuurlijk bruikbare en minder bruikbare modellen tussen, wat ook weer afhankelijk is van de banen.

In de gameplay valt een aantal dingen op. Interessant is dat je de ‘status’ van je vervoermiddel kunt veranderen in een blauwe of oranje stand. Dat correspondeert met bepaalde zones op de track die een snelheidsboost of grote sprong opleveren, mits je wagen op de juiste stand staat. Daarnaast, en dat is wat meer standaard, kun je power-up-bollen pakken die de boostmeter vullen. Wanneer je een wagen met een hoge topsnelheid voorziet van een flinke boost en vervolgens ook nog eens zo’n versnellende zone raakt, bereikt de snelheid in Fast Racing Neo een hoogtepunt.

Pijlsnel

Op die momenten vliegt de wereld zo snel aan je voorbij dat je nauwelijks nog ziet wat er om je heen gebeurt. Nauwkeurig racen is dan allang niet meer aan de orde: het is meer een kwestie van hopen dat er geen obstakels op je pad komen en dat de eerstvolgende bocht een beetje makkelijk te houden is, eventueel met hulp van vangrails. We kunnen nu al verklappen dat dat niet altijd goed afloopt, en daarmee komen we bij het meest frustrerende deel van Fast Racing Neo. Het spel is lekker snel en spectaculair, maar ook flink moeilijk. Een foutje leidt makkelijk tot een crash en een crash levert je een vaak niet meer in te halen achterstand op. Dat hoort bij racen, maar doordat de AI je af en toe gewoon een beuk geeft, kun je er niet altijd wat aan doen. En als je dan een vier races durend kampioenschap verliest door zo’n moment … Het voelt alsof een stuurfout onevenredig zwaar wordt bestraft, zeker aangezien er ook banen zijn waarop een of meer crashes haast niet zijn te voorkomen. Die races zul je dus vrijwel nooit winnen, en dat is vervelend.

Fast Racing NeoFast Racing NeoFast Racing NeoFast Racing NeoFast Racing NeoFast Racing Neo

Het voorgaande draagt ook bij aan het afnemen van de zin om Fast Racing Neo te blijven spelen. Het feit dat de game alleen maar moeilijk wordt zonder dat er noemenswaardige extra’s bij komen, is daar mede debet aan. De hogere niveaus bieden, voor wie echt goed wordt in Fast Racing Neo, extra uitdaging. Is dat nog niet genoeg voor je, dan kun je je – mits je de kampioenschappen voltooid hebt – wagen aan de Hero Mode. Hier zijn de regels iets anders. Je boost dient nu ook als schild, en als je te veel gas geeft ontploft je voertuig. Daarbij komt nog dat de banen gespiegeld zijn. Een aardige toevoeging, maar door de hoge moeilijkheidsgraad zal deze modus niet voor al te veel gamers een pluspunt zijn. Wat dat betreft is de multiplayer – op één WiiU met vier mensen of online met acht racers – een betere keuze. Het niveau is beter te pruimen, simpelweg omdat alle menselijke spelers dezelfde beperkingen hebben en dus ook een even grote kans om foutjes te maken. De game haalt het niet bij de fun-factor van bijvoorbeeld Mario Kart 8, maar desondanks is hij wel vermakelijk.

Fast Racing Neo loopt niet over van de content, maar bij een downloadprijs van vijftien euro is dat niet zo erg. Het is vervelender dat het spel meer frustratie oplevert dan je zou willen. Daarmee stelt het spel je doorzettingsvermogen af en toe zwaar op de proef, en de vraag is hoe lang dat leuk blijft. Audiovisueel komt het spel prima mee, zonder al te opvallende dingen te doen. Als met al is het een prima game voor gamers die de tijden van F-Zero en WipeOut missen, maar geen titel die die spellen doet vergeten.

Als het om indie-developers gaat zijn weinig studio’s zo bekend als Vlambeer, een studio die officieel nog steeds uit niet meer dan twee man bestaat en gevestigd is in Utrecht. De studio bestaat sinds 2010 en bracht sindsdien gemiddeld zo’n twee games per jaar uit, voor verschillende platformen. Nu is Nuclear Throne op de markt verschenen, het meest ambitieuze project van de Utrechters waar tussen de bedrijven door al een paar jaar aan gewerkt wordt. De game heeft een lange weg afgelegd. Hij verscheen twee jaar geleden al op Steam Early Access.

De games van Vlambeer staan bekend om korte brokken intensieve gameplay en in Nuclear Throne is dat niet anders – hoewel je de lol, of frustratie, zo lang kunt rekken als je wilt. Nuclear Throne is een game met een hele simpele basis, die desondanks uitnodigt om lang te blijven spelen. Nuclear Throne is leuk en frustrerend tegelijk, maar nodigt ook uit om die frustratie te overwinnen. Het is een beetje vergelijkbaar met Dark Souls, Bloodborne en aanverwanten, een game dus waar je beter in wilt worden. Die ruimte is er ook. Er valt, ondanks die simpele opzet, genoeg te ontdekken.

Downloadgames topplaatjes
Titel
Nuclear Throne

Platform
Windows, OS X
Prijs
€ 11,99

Nuclear Throne is een heuse twin stick shooter die je naar keuze met de twee sticks van een controller kunt spelen, maar het ook uitstekend doet met muis en toetsenbord. Je beziet het speelveld van boven. De game heeft daarmee veel weg van Hotline Miami, maar voert het ouderwets ogende uiterlijk nog verder door. Hotline Miami oogt al 8-bits, en dat effect is hier nog veel sterker. De retrolook past goed bij de snelle en simpele gameplay van Nuclear Throne. Net als bij sommige klassiekers weet Vlambeer nog verrassend veel karakter mee te geven aan sommige bewegende pixelblokjes. De kraaien die bewapend met machinegeweer rondvliegen zien er bijvoorbeeld lekker angstaanjagend uit, al komt dat ook doordat ze lastig zijn te bestrijden. Je moet uiteraard wel een beetje van de bewust gekozen knulligheid van de graphics van de game houden, maar wij hebben ons er zeer mee vermaakt. Helaas hebben de makers het speelveld een vaste verhouding van 3:4 gegeven en zie je randen aan de zijkanten van het scherm als je speelt op een monitor met een breder scherm. Zo retro had van ons ook weer niet gehoeven. Naast het beeld verdient ook het geluid een aparte vermelding, want zowel de geluiden van de wapens als de andere effecten zijn lekker vet aangezet.

Blijft de vraag wat je nu precies moet doen in Nuclear Throne. Het antwoord daarop is simpel; overleven. Dat klinkt eenvoudiger dan het is en dat komt omdat je maar één leven hebt in Nuclear Throne. Je wordt van level naar level geloodst, waarbij elk level procedureel gegenereerd is en dus nooit hetzelfde. Je krijgt wel steeds thematisch gegroepeerde levels. Eerst krijg je steeds een paar levels in een soort rotsachtige woestijn, gevuld met tegenstanders die op insecten lijken. Daarna wat levels die een post-apocalyptische sfeer hebben, waar je strijd tegen ratten en ander ongedierte.

Je begint in het eenvoudigste level, waar wat simpele tegenstanders op je schieten. Je schiet terug met het meest basale vuurwapen uit de game, net zo lang tot je alle tegenstanders verslagen hebt. Daarna teleporteer je naar een volgend level en wordt het snel hectisch. Het aantal – en vooral de vuurkracht – van je tegenstanders neemt snel toe. Gelukkig is er genoeg om jezelf mee te verdedigen. Je kunt een tweede wapen oppakken, en daar zijn er flink wat verschillende van: mitrailleurs, shotguns, bazooka’s, laserwapens en vergelijkbaar wapentuig.

Nuclear ThroneNuclear ThroneNuclear ThroneNuclear ThroneNuclear ThroneNuclear ThroneNuclear ThroneNuclear Throne

Het leuke is dat er genoeg munitie voorhanden is, maar je wel degelijk zonder kunt komen te zitten. Je kunt niet oneindig blijven schieten en zult wel degelijk een beetje tactisch moeten nadenken over waar je op schiet. Ondertussen heb je dus maar één leven. Als je gezondheid tot nul gereduceerd is, zul je opnieuw moeten beginnen, in de hoop het langer vol te houden dan de vorige keer. Het leuke is dat Nuclear Throne een game is waarin oefening kunst baart. Het heeft dus daadwerkelijk zin om je te verdiepen in de verschillende wapens en vooral in de verschillende speelbare characters.

Wat characters betreft begin je met een stuk of vier verschillende, waarvan je er meer vrijspeelt als je succes boekt in de game. Elk character heeft één specifieke eigenschap die je kunt gebruiken in de strijd. Fish kan een rol maken om sneller weg te komen en krijgt meer munitie toebedeeld, Crystal kan een pantser oproepen en Plant, het eerste extra character dat je vrijspeelt, is sneller dan de rest. Het is zaak om de tactische voordelen van elk character te leren kennen, net als de kracht van elk wapen.

Bovendien is het zaak om te leren hoe de verschillende tegenstanders reageren. Daarbij leer je al snel dat Nuclear Throne een een lekker snelle game is, maar dat het toch zaak is om af en toe pas op de plaats te maken. In tegenstelling tot veel andere twin stick shooters kun je hier achter muurtjes schuilen, en dat is ook van levensbelang. Vooral als je weer eens een tegenstander tegen het lijf loopt die een ware barrage aan projectielen op je afvuurt.

Tot slot zijn er nog upgrades die je elke run opnieuw vrij moet spelen. Ruwweg om de twee levels krijg je een nieuwe, waarbij je er steeds uit vier kunt kiezen. Welke vier je voorgeschoteld krijgt, wordt random bepaald en daar moet je dus een beetje mazzel mee hebben. Er is een upgrade waarmee je maximum gezondheid flink verhoogd wordt, maar ook een upgrade die zorgt dat je meer munitie scoort, nauwkeuriger schiet of sneller schiet naarmate je gezondheid afneemt.

Je moet dus een beetje geluk hebben met de upgrades die je krijgt, net als met de wapens die in de kisten verstopt zitten die je onderweg tegenkomt. En dan is het zaak om te schieten en te ontwijken, verstandig met je munitie om te gaan en goed op te letten wat je tegenstanders doen. Doordat de game procedureel gegenereerd is, weet je nooit helemaal zeker wat je voorgeschoteld krijgt en dat kan ook een lelijke verrassing opleveren. Heb je net een Bazooka opgepikt en ben je heerlijk een hele serie smalle gangetjes aan het leeg blazen, kom je opeens in een grote open ruimte waarin je van alle kanten belaagd wordt. Dan is die Bazooka opeens niet zo handig meer, net als dat laserwapen dat je als tweede keuze bij je droeg. Het is precies wat Nuclear Throne spannend houdt. Het maakt van Nuclear Throne een uitstekende shooter en een prima introductie tot het genre.

Mooi is Nuclear Throne natuurlijk niet, maar wie van old school twin stick shooters houdt, zal de stijl kunnen waarderen. Dat geldt in ieder geval voor ons en we zijn nog meer gecharmeerd van de geluiden in de game. Ook de gameplay is prima, en lekker snel. Doordat je maar één leven hebt en in dat ene leven zover mogelijk moet zien te komen, is de game uitdagend genoeg. Het heeft dezelfde verslavingsfactor als Flappy Bird, al heb je hier gelukkig iets meer mogelijkheden. Met Flappy Bird zijn we ook meteen bij onze enige bedenking aangekomen: de game is met € 12,- wat aan de dure kant. Met een prijs van een euro of vijf zouden we hem direct aanraden. Nu doen we dat enkel voor wie zichzelf uit wil dagen.

This entry passed through the Full-Text RSS service – if this is your content and you’re reading it on someone else’s site, please read the FAQ at fivefilters.org/content-only/faq.php#publishers.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Curated By Logo